Mijn eerste keer

Nog steeds voel ik een gezonde spanning als er een publicatie verschijnt waaraan ik een bijdrage heb geleverd. Ziet het er goed uit? Heeft het verhaal voor mijn gevoel nog steeds de zeggingskracht die ik erin legde toen ik het schreef? Dat blijft. Maar na ruim dertig jaar is het bijzondere er toch wel een beetje vanaf. Met behulp van de Koninklijke Bibliotheek kon ik het gevoel van de allereerste keer vandaag nog ’s terughalen.

In het historisch krantenarchief van de Koninklijke Bibliotheek vond ik het eerste artikel terug waarbij ik niet langer ‘een onzer correspondenten’ was, maar bij naam werd genoemd. Ik was 19. Al meer  dan een jaar schreef ik korte stukjes over lokale ontwikkelingen in Nieuwerkerk a/d IJssel. Eerst voor streekblad de IJssel- en Lekstreek en later voor een regionale bijlage van Het Vrije Volk. De hoofdredacteur had gevraagd of ik wat meer wilde doen dan korte berichten schrijven. Een interview met lokale beroemdheid Henk Sterk was daar het eerste resultaat van.

Ik maakte mijn verhalen op de typemachine die mijn moeder met korting bij de blindtypecursus van Scheidegger had aangeschaft. Van Het Vrije Volk had ik speciale kopyvellen met doorslag, waarop je geacht werd -  55 lettertekens breed en met een dubbele interlinie – je verhaal in één keer foutloos in te tikken. Ik moest de kopy voor de wekelijkse regionale bijlage zondagavond voor acht uur bezorgen bij de redactie aan de Witte de Withstraat in Rotterdam. Dat betekende voor het eten afronden en na het eten met de trein naar Rotterdam CS om de tekst op tijd aan de balie af te geven.

 

Op Het Vrije Volk-hoofdkwartier werd de tekst door de redactie bekeken, waar nodig gecorrigeerd of ingekort en vervolgens door de nachtploeg gezet. Pas de woensdag erna wist ik wat er gedurende dat proces met mijn verhaal was gebeurd. Dat het onverkort, met foto zo prominent op pagina 3 van de bijlage terechtkwam, was een overwinning. Ik weet niet meer waar mijn eerdere korte berichten over gingen, maar het interview met Henk Sterk staat na 33 jaar nog scherp op mijn netvlies. Ik weet nog precies dat de redactie één correctie doorvoerde.  In de zin ‘Zelfs toen ik een Duitser in elkaar sloeg omdat hij m’n eieren wilde jatten.’, stond oorspronkelijk ‘mof’ in plaats van ‘Duitser’. 

 

En Henk Sterk …? Hij was een beetje teleurgesteld omdat ik hem geen twintig exemplaren van de krant kon bezorgen. Dat heb ik vijf jaar later recht kunnen zetten toen ik hem voor een andere regionale krant, Het Kanaal, nogmaals heb geïnterviewd. Toen omdat hij – inmiddels 83 jaar oud – zeventig jaar als groenteboer actief was en nog genoeg verhalen over had om er weer een mooi artikel van te maken.